
Kortsluitstroom is de stroom die door uw installatie jaagt op het ogenblik dat een fase en de nul elkaar rechtstreeks raken. Geen toestel meer ertussen, niets dat de stroom afremt, alleen de kabels en het net erachter. Die stroom kan in een fractie van een seconde oplopen tot duizenden ampère.
Uw automaat moet die stroom kunnen onderbreken. Niet alleen opmerken, maar ook echt afschakelen zonder zelf te bezwijken. Het AREI legt daarvoor voor een gewone woning één getal vast: 3000 ampère. Dat getal staat gewoon op uw automaat gedrukt, maar bijna niemand weet wat het betekent.
Kortsluitstroom: wat er in dat ene ogenblik gebeurt
Bij een normale belasting bepaalt het toestel hoeveel stroom er loopt. Een waterkoker van 2000 watt trekt ongeveer negen ampère, en de kabel en de automaat hebben daar geen enkele moeite mee.
Bij een kortsluiting valt dat toestel weg. Wat de stroom dan nog beperkt, is enkel de weerstand van alles wat tussen u en de transformator van de netbeheerder ligt: de transformator zelf, de kabel in de straat, de aansluitkabel naar uw meter en de leidingen in uw woning. Hoe kleiner die weerstand, hoe groter de kortsluitstroom.
Op dat moment komt er in een paar milliseconden een enorme hoeveelheid energie vrij. Onderbreekt de automaat die stroom, dan ontstaat er in het toestel een vlamboog die hij moet doven. Kan hij dat niet, dan kan de automaat openbarsten, blijven de contacten aan elkaar kleven, of brandt het verdeelbord.
Waar de kortsluitstroom vandaan komt
Twee dingen bepalen de kortsluitstroom aan uw verdeelbord bijna volledig.
De transformator. Een grote transformator heeft een lage inwendige weerstand en kan dus veel stroom leveren. Het vermogen en de kortsluitspanning van de transformator vertellen hoeveel. Wilt u zien wat dat in cijfers betekent, reken het dan uit met onze rekentool voor de kortsluitstroom van de transformator.
De afstand. Elke meter kabel tussen de transformator en uw verdeelbord voegt weerstand toe en remt de kortsluitstroom af. Woont u vlak naast een elektriciteitscabine, dan is die afstand kort en de kortsluitstroom hoger. Woont u aan het einde van een lange landelijke straat, dan is ze een stuk lager.
Kortsluitstroom in een woning: hoogstens 3000 ampère
Voor een huishoudelijke installatie legt het AREI de grens vast in Boek 1, onderafdeling 5.3.5.5. De te verwachten kortsluitstroom tussen een fase en de nul, gemeten na de eerste automaten achter de algemene differentieel, mag niet groter zijn dan 3000 ampère.
Zie het als een stuwmeer met leidingen erachter. Bij een kortsluiting breekt er ergens een leiding open en komt er in één klap een vloedgolf door. Het AREI zegt: in een gewone woning is die golf nooit groter dan 3000 ampère. Alles in het verdeelbord wordt gekozen om die ene golf te doorstaan.
Wat dat betekent voor uw automaat
De automaat is de sluis die dicht moet als de golf komt. Elke automaat heeft een onderbrekingsvermogen: de grootste kortsluitstroom die hij veilig kan afschakelen. Omdat de golf hoogstens 3000 ampère is, moet elke automaat minstens 3000 ampère kunnen onderbreken. U herkent dat aan het getal 3000 in een klein rechthoekig kadertje op de voorkant.
Hier ontstaat vaak verwarring, dus nog eens heel duidelijk. De kortsluitstroom is hoogstens 3000 ampère. Het onderbrekingsvermogen van de automaat is minstens 3000 ampère. Het is hetzelfde getal, bekeken van twee kanten: de golf mag niet groter zijn, en de sluis mag niet zwakker zijn.
Het AREI vraagt voor de eerste automaten na de beveiliging van de netbeheerder nog meer: energiebeperkingsklasse 3. Dat staat als een 3 in een klein vierkantje op de automaat. Klasse 3 betekent dat de sluis niet alleen dichtgaat, maar zo snel dat er nauwelijks energie door is gekomen voor ze dicht is. De automaat wacht de golf niet af, hij klapt dicht terwijl ze nog aan het aanzwellen is.
Waarom dat zo belangrijk is, heeft te maken met de differentieel die vóór de automaten staat. Bij een kortsluiting schakelt die zelf niet af, en de golf raast er dus volledig door tot de automaat erachter dichtklapt. Hoe dat samenhangt en waarom alleen de combinatie klopt, werken we uit in ons artikel over de 3000 A automaat en de differentieel.
Waar het in de praktijk misloopt
Automaten zonder de juiste opschriften. Goedkope automaten zonder het getal 3000 in een kadertje of zonder klasse 3, vaak online gekocht of uit een oud verdeelbord overgenomen. Ze kunnen perfect werken tot de dag van de eerste zware kortsluiting.
Eén automaat vervangen door een ander type. Een elektricien vervangt één automaat en neemt wat hij in de camionette heeft liggen, zonder op de opschriften te letten. Dan is die ene automaat de zwakke schakel in een verder goed verdeelbord.
Een zware aansluiting dicht bij een cabine. Wie vlak bij een cabine woont en een zwaardere aansluiting heeft, zit dichter bij die grens van 3000 ampère. Is de te verwachten kortsluitstroom op een plaats hoger, dan geldt de eenvoudige regel voor een woning niet meer en moeten de beveiligingen op die hogere stroom berekend en gekozen worden.
Kortsluitstroom aan het verdeelbord berekenen
De kortsluitstroom aan uw verdeelbord hangt af van de transformator, van de lengte en de doorsnede van de kabel ertussen, en van de aansluitkabel naar uw meter. Met onze rekentool voor de kortsluitstroom aan het verdeelbord vult u die gegevens in en ziet u of u onder de grens van 3000 ampère blijft.
Kent u de gegevens van de transformator niet, dan kan uw netbeheerder die meestal bezorgen.
En aan het einde van een lange kring?
Hier draait het verhaal om. Aan het verdeelbord is de kortsluitstroom op zijn hoogst. Hoe verder u de kring volgt, hoe meer kabel er tussen zit, en hoe lager de kortsluitstroom wordt.
Aan het einde van een lange kring, bijvoorbeeld naar een tuinhuis of een garage achteraan, kan ze zo laag worden dat de automaat niet meer meteen afschakelt. Dan is het probleem niet te veel stroom, maar te weinig. Dat werken we uit in ons artikel over de maximale lengte van een stroomkring, en u rekent het na met de rekentool voor de maximale lengte en de foutstroomketen.
Een automaat moet dus twee dingen kunnen: de hoogste kortsluitstroom aan het verdeelbord onderbreken, en de laagste kortsluitstroom aan het einde van de kring nog opmerken.
Wat een keurder nakijkt
Een keurder kijkt na of de automaten passen bij de doorsnede van de leidingen die ze beschermen, en of de opschriften op de automaten en de differentieel kloppen: het getal 3000 in een kadertje en klasse 3 op de automaten. Een automaat zonder leesbare opschriften of met een te laag onderbrekingsvermogen kan als inbreuk op het verslag komen.
Ook de doorsnede speelt mee. Een automaat die bij de kabel past volgens de tabel, beschermt die kabel niet altijd onder alle omstandigheden. Waarom dat zo is, leest u in ons artikel over de belastbaarheid van kabels.
Kort samengevat
Kortsluitstroom is de stroom die loopt als fase en nul elkaar raken, en ze is het hoogst aan het verdeelbord. In een gewone woning gaat het AREI uit van hoogstens 3000 ampère. Daarom moet elke automaat minstens 3000 ampère kunnen onderbreken, en moeten de eerste automaten na de netbeheerder ook klasse 3 hebben.
Kijk dus eens naar uw eigen verdeelbord. Staat op elke automaat het getal 3000 in een kadertje en een 3 in een vierkantje? Dan zit u goed. Ontbreekt het, of twijfelt u, laat het dan nakijken voor de keurder het doet.
Bel ons op +32 484 79 52 47 of stuur een bericht via WhatsApp.
Uw installatie echt laten nakijken?
Keurpoint is een initiatief van TR&I bv, erkend installateur in heel Vlaanderen. Zij voeren de voorinspectie uit, lossen inbreuken op en zorgen dat uw dossier op tijd in orde is.
Bekijk wat TR&I voor u kan doenGeschreven door een industrieel ingenieur die vijftien jaar elektrische installaties keurde en zeven jaar gasinstallaties. Geen verkooppraatje, gewoon waar de man met het klembord naar kijkt.
Liever niet zelf uitzoeken?
Wij regelen uw elektrische keuring, gaskeuring, EPC en asbestattest. U zegt wat u nodig hebt en wanneer. Wij zoeken de keurder, maken de afspraak en volgen op tot het attest er is.
Bekijk wat wij voor u kunnen doenLiever meteen iemand spreken? 0484 79 52 47
